B.4. Toelichting op de balans per 31 december

B.4.1. Vaste activa

Immateriële vaste activa

Terug naar navigatie - B.4.1. Vaste activa - Immateriële vaste activa

De immateriële vaste activa van de gemeente Westerveld bestaan  uit bijdragen aan activa in eigendom van derden en de voorbereidingskosten voor nog in exploitatie te nemen grondexploitaties.
Het verloop van de immateriële vaste activa is als volgt opgebouwd:

Immateriële vaste activa (bedragen x € 1.000) Boekwaarde 01-01-2025 Investering Vrijval Afschrijving Bijdrage derden Boekwaarde 31-12-2025
Bijdrage aan activa in eigendom van derden 105 585 - 2 - 688
Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief 1.338 261 691 - - 908
Totaal Immateriële activa 1.443 846 691 2 - 1.596

De bijdragen aan activa in eigendom van derden betreft de bijdrage buitensport Havelte. De bijdrage betreft 40% van de totale bijdrage die wij verrichten.

De kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief betreffen de voorbereidingskosten voor projecten die in de toekomst tot een grondexploitatie zullen leiden. De investeringen betreffen alle voorbereidingskosten die in 2025 verricht zijn. De vrijval bestaat volledig uit overboekingen van de immaterieel vaste activa naar andere activaposities. Deze bestaat uit een overboeking van Vledder fase 2 naar de grondexploitaties en een overboeking van de woningen in project Hesselte naar de materieel vaste activa. 

Materiële vaste activa

Terug naar navigatie - B.4.1. Vaste activa - Materiële vaste activa

Bij de materiële vaste activa is geen sprake van afwaardering wegens duurzame waardevermindering. Onder de bijdragen van derden zijn de bijdragen van derden opgenomen die direct gerelateerd zijn aan de investering. De afschrijvingslasten zijn niet toegelicht omdat dit jaarlijks terugkerende lasten betreft.  

Investeringen met economisch nut
De specificatie en het verloop van de investeringen met economisch nut is als volgt:

Investeringen met economisch nut (bedragen x € 1.000) Boekwaarde 31-12-2024 Correctie Boekwaarde 01-01-2025 Investering Desinvestering Afschrijving Bijdrage derden Boekwaarde 31-12-2025
Gronden- en terreinen 5.147 0 5.147 0 266 22 0 4.859
Bedrijfsgebouwen 18.700 187 18.887 1.810 0 1.063 0 19.634
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken 932 0 932 1.282 1.096 37 0 1.081
Vervoersmiddelen 774 1 775 224 0 164 0 835
Machines, apparaten en installaties 379 43 422 101 0 103 0 420
Overige materiele vaste activa 192 0 192 14 0 36 0 170
Totaal economisch nut 26.124 231 26.355 3.431 1.362 1.425 0 26.999

In 2025 hebben wij een correctie op de beginbalans doorgevoerd. In het verleden zijn afschrijvingen die betrekking hebben op economisch nut waarvoor een heffing kan worden geheven in mindering gebracht op activa met een economisch nut als gevolg van de inrichting van de activamodule. In 2025 hebben wij dit handmatig gecorrigeerd en hebben wij de correctie ook doorgevoerd in de beginbalans.  Als gevolg hiervan daalt de beginwaarde van de investeringen met economisch nut waarvoor een heffing kan worden geheven met € 231.000 en stijgt de beginwaarde van de investeringen met economisch nut met € 231.000.

Investeringen met economisch nut, waarvoor een heffing kan worden geheven

De specificatie en het verloop van de investeringen met economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven is als volgt:

Investeringen met economisch nut, 

waarvoor heffing wordt geheven (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde 31-12-2024 Correctie Boekwaarde 01-01-2025 Investering Desinvestering Afschrijving Bijdrage derden Boekwaarde 31-12-2025
Bedrijfsgebouwen 1.040 -188 852 0 0 94 0 758
Machines, apparaten en installaties 167 -43 124 0 0 22 0 102
Totaal economisch nut wv. heffing 1.207 -231 976 0 0 116 0 860

In 2025 hebben wij een correctie op de beginbalans doorgevoerd. In het verleden zijn afschrijvingen die betrekking hebben op economisch nut waarvoor een heffing kan worden geheven in mindering gebracht op activa met een economisch nut als gevolg van de inrichting van de activamodule. In 2025 hebben wij dit handmatig gecorrigeerd en hebben wij de correctie ook doorgevoerd in de beginbalans.  Als gevolg hiervan daalt de beginwaarde van de investeringen met economisch nut waarvoor een heffing kan worden geheven met € 231.000 en stijgt de beginwaarde van de investeringen met economisch nut met € 231.000.

Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut

De specificatie en het verloop van de investeringen met economisch nut is als volgt:

Investeringen in de openbare ruimte 

met maatschappelijk nut (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde 01-01-2025 Investering Desinvestering Afschrijving Bijdrage derden Boekwaarde 31-12-2025
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken 15.211 1.101 0 713 0 15.599
Overige materiele vaste activa 34 0 0 49 0 -15
Totaal maatschappelijk nut 15.245 1.101 0 762 0 15.584

 

Aanvullend dient onderscheid gemaakt te worden in de activa in de openbare ruimte met maatschappelijke nut met een aanschafdatum van voor 1 januari 2017 en een aanschafdatum van na 1 januari 2017. Met onderstaand overzicht is aan deze voorwaarde voldaan.

Investeringen in de openbare ruimte 

met maatschappelijk nut (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde 01-01-2025 Investering Desinvestering Afschrijving Bijdrage derden Boekwaarde 31-12-2025
Aanschaf voor 1 januari 2017 2.671 0 0 175 0 2.496
Aanschaf na 1 januari 2017 12.574 1.101 0 587 0 13.088
Totaal maatschappelijk nut 15.245 1.101 0 762 0 15.584

 

Financiële vaste activa

Terug naar navigatie - B.4.1. Vaste activa - Financiële vaste activa

De post financiële vaste activa is als volgt opgebouwd:

Financiële vaste activa (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde 01-01-2025 Vermeerdering Vermindering Aflossing Afwaardering Boekwaarde 31-12-2025
Kap. verstrekking aan deelnemingen 557 6 - - - 563
Overige langlopende leningen -2 7 4 - - 1
Overige uitzettingen met een looptijd < 1 jaar 679 222 229 93 - 579
Totaal financiële vaste activa 1.234 235 233 93 - 1.143

Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen

Het saldo bestaat voornamelijk uit de kapitaalverstrekkingen (aandelen) aan de ROVA en de BNG bank. De volledige post kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen is als volgt:

Kapitaalverstrekkingen (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde 01-01-2025 Vermeerdering Vermindering Aflossing Afwaardering Boekwaarde 31-12-2025
Aandelen Waterleidingmij Drenthe (WMD) 1 - - - - 1
Aandelen Rendo N.V. 36 - - - - 36
Aandelen Waterleidingmij. Vitens 4 - - - - 4
Aandelen Enexis Holding B.V. 15 - - - - 15
Aandelen ROVA 383 - - - - 383
Aandelen BNG 118 - - - - 118
Aandelen Wadinko - 6 - - - 6
Totaal kapitaalverstrekkingen 557 - - - - 563

In 2025 zijn de aandelen van Wadinko, die reeds jaren in bezit zijn, verantwoord onder de financieel vaste activa. Dit betreft de enige mutatie in 2025.

Overige langlopende leningen

De overige langlopende leningen bestaan uit de nog te verrekenen posten inzake de fietsregeling.

Overige langlopende leningen  (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde 01-01-2025 Vermeerdering Vermindering Aflossing Afwaardering Boekwaarde 31-12-2025
Fietsplan gemeente Westerveld -2

7

4 - - 1

Overige uitzettingen met een looptijd van één jaar of langer

De overige uitzettingen met een rente typische looptijd van één jaar of langer betreffen de uitzettingen bij het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting (SVN). De uitzettingen bij de SVN zijn de zonne- en startersleningen. Het verloop van de boekwaarde is als volgt:

Overige uitzettingen met een looptijd van één jaar of langer (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde 01-01-2025 Vermeerdering Vermindering Aflossing Afwaardering Boekwaarde 31-12-2025
Starterslening (4281) 451 222 84 67 - 523
Zonnelening 2016 (4283) 32 - 26 3 - 3
Zonnelening 2016 (4284) 2 - 2 - - -
Zonnelening 2017 (4285) 87 - 58 12 - 18
Zonnelening 2018 (4286) 23 - 13 2 - 8
Zonnelening 2019 (9632) 84 - 46 10 - 28
Totaal Overige uitzettingen 679 222 229 93 - 579

In 2025 heeft de raad besloten meer middelen beschikbaar te stellen voor startersleningen. In 2025 heeft dit geleid tot een extra verstrekking van startersleningen van € 222.000. Daarnaast hebben we dit jaar onderscheid gemaakt tussen de door SVN uitgegeven leningen en de middelen die in het rekening courant opgenomen zijn. Hierdoor hebben wij € 229.000 overgeboekt van de financieel vaste activa naar de overlopende activa. Tot slot hebben er gedurende het jaar aflossingen plaatsgevonden op de uitstaande leningen voor € 93.000.

B.4.2. Vlottende activa

Voorraden

Terug naar navigatie - B.4.2. Vlottende activa - Voorraden

De voorraden van de gemeente Westerveld bestaan uit bouwgronden in exploitatie en gereed product en handelsgoederen. Het verloop van de boekwaarde is als volgt:

Voorraden (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde

01-01-2025

Voorziening

Balanswaarde

01-01-2025

Vermeerdering Vermindering Winstneming

Boekwaarde

31-12-2025

Voorziening

Balanswaarde

31-12-2025

Bouwgronden in exploitatie 927 857 69 1.815 1.150 356 1.950 335 1.615
Gereed product en handelsgoederen 1 - 1 5 1 - 5 - 5
Totaal Voorraden 928 857 70 1.820 1.151 356 1.950 335 1.620

Zie voor de onderbouwing van de boekwaardes en verloop de paragraaf grondbeleid. 

Gereed product en handelsgoederen
Dit betreft in zijn volledigheid de voorraad gezondheidsverklaringen (CBR).

Uitzettingen met een looptijd korter dan een jaar

Terug naar navigatie - B.4.2. Vlottende activa - Uitzettingen met een looptijd korter dan een jaar

Het verloop van de boekwaarde is als volgt:

Uitzettingen met een looptijd korter dan een jaar (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde 01-01-2025 Stand 31-12-2025 Voorziening oninbaarheid Boekwaarde 31-12-2025
Vorderingen op openbare lichamen 5.228 4.866 - 4.866
Rekeningcourantverhouding met het Rijk 7.787 13.576 - 13.576
Overige vorderingen 645 1.987 605 1.382
Totaal Uitzettingen met een looptijd korter dan een jaar 13.660 20.429 605 19.824

Schatkistbankieren

Drempelbedrag

In principe dienen alle overtollige middelen in de schatkist te worden aangehouden. Er zijn echter een aantal uitzonderingen. Eén daarvan is het drempelbedrag. Dat is een minimumbedrag (afhankelijk van de omvang van 
de decentrale overheid) dat gemiddeld per kwartaal buiten de schatkist mag worden gehouden. Het drempelbedrag is gelijk aan 2% van het begrotingstotaal voor gemeenten met een begrotingstotaal tot € 500 miljoen. Indien het begrotingstotaal hoger is dan € 500 miljoen is de drempel gelijk aan € 10 miljoen plus 0,2% van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat. Het drempelbedrag is minimaal € 1.000.000. Voor gemeente Westerveld geldt voor 2025 een drempelbedrag van € 1.338.000. 

Berekening benutting drempelbedrag

Het drempelbedrag is bedoeld om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen: niet elke laatste euro hoeft in de schatkist te worden aangehouden. In principe hoeven dus alleen de liquide middelen die boven het  drempelbedrag uitgaan in de schatkist te worden aangehouden. In 2025 hebben geen overschrijdingen plaatsgevonden van het drempelbedrag. In onderstaande tabel is te zien wat de benutting van het drempelbedrag schatkistbankieren gedurende de vier kwartalen 2025 is geweest: 

 
Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000)
Verslagjaar
(1) Drempelbedrag 1.338      
    Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4
(2) Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen 233  241 236 238
(3a) = (1) > (2) Ruimte onder het drempelbedrag 1.105  1.097 1.102   1.100
(3b) = (2) > (1) Overschrijding van het drempelbedrag   -   -      -    -  
(1) Berekening drempelbedrag
Verslagjaar
(4a) Begrotingstotaal verslagjaar   66.900      
(4b) Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen  66.900      
(4c) Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat        
(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is is het drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat.  Drempelbedrag 1.338      
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
    Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4
(5a) Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil)  21.004   21.937   21.754  21.894
(5b) Dagen in het kwartaal 90 91 92 92
(2) - (5a) / (5b) Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen  233  241   236  238

Liquide middelen

Terug naar navigatie - B.4.2. Vlottende activa - Liquide middelen

De liquide middelen bestaan uit de bank- en kassaldi. Het verloop van de boekwaarde is als volgt:

Liquide middelen (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde 01-01-2025 Boekwaarde 31-12-2025
Legeskas 1 1
Kas Oekraïne 11 4
Totaal Kassaldi 12 5
     
Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) 63 -
BNG (participatie) 189 269
Rabobank Havelte 7 10
     
Totaal Banksaldi 259 279
     
Totaal Liquide middelen 271 284

Het saldo op de werkrekening van de BNG is per 31-12-2025 negatief en wordt daarom onder de netto vlottende schulden gepresenteerd.

De liquide middelen staan ter vrije beschikking aan de gemeente.

Overlopende activa

Terug naar navigatie - B.4.2. Vlottende activa - Overlopende activa

Voor sommige projecten is een subsidiebeschikking ontvangen van overheidsorganen. Voor zover er al subsidiabele kosten zijn gemaakt, is een deel van de toegezegde subsidie als opbrengst verantwoord in 2025. Het deel van die opbrengst wat hoger is dan een eventueel voorschot wat daadwerkelijk is ontvangen, is opgenomen onder de nog te ontvangen bijdragen. De overige overlopende activa bestaan uit overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen. 

Overlopende activa (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde 01-01-2025 Boekwaarde 31-12-2025
Overige overlopende activa 2.617 3.410
Overige nog te ontvangen bedragen 2.988 3.007
Nog te ontvangen van het Rijk 1.004 524
Nog te ontvangen van andere overheden 762 840
Totaal Overlopende activa 7.371 7.781

Hieronder hebben wij het verloop van de nog te ontvangen bedragen van het rijk en van de andere overheden opgenomen.

 

Nog te ontvangen bedragen bedragen (uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel) Boekwaarde 1-1-2025 Ontvangen bedragen Vrijgevallen bedragen Terugbetalingen Nog te ontvangen Boekwaarde 31-12-2025
Van Europese Lichamen - - - -   -
G13 - Onderwijsroute 10 10       0
H04 - Regeling stimulering sport 10         10
H27B - Domein overstijgend samenwerken 74 74       0
B2 - Gemeentelijke hulp gedupeerden toeslagenproblematiek 12 12     18 18
M16 - Opvang ontheemden Oekraïne 898 898     181 181
J17 - Realisatiestimulans         126 126
Algemene uitkering         189 189
Van het Rijk 1.004         524
Beschermd wonen 762 762     766 766
Regiodeal Toerisme         36 36
Regiodeal Economie         38 38
Van overige Nederlandse overheidslichamen 762         840
             
Totaal nog te ontvangen 1.766         1.364

 

B.4.3. Vaste passiva

Eigen vermogen

Terug naar navigatie - B.4.3. Vaste passiva - Eigen vermogen

Het eigen vermogen bestaat uit de algemene reserve, de bestemmingsreserves en het gerealiseerd resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten. De aard van de reserve en de individuele mutaties op iedere reserve is hieronder afzonderlijk toegelicht.

Algemene reserve
De algemene, ook wel vrije reserve genoemd, is de reserve waar door de gemeenteraad geen bestemming aan is gegeven. Gevolg hiervan is dat deze reserve in beginsel vrij besteedbaar is. Deze reserve ontstaat door overschotten en tekorten in de exploitatie, welke niet in de resultaatbestemming specifiek worden bestemd. Het doel van de algemene reserve is het afdekken van algemene risico’s en onvoorzienbare, niet uitstelbare en onvermijdelijke uitgaven, voor zover daarvoor geen dekking kan worden gevonden binnen de exploitatie. 

Algemene Reserve (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde

31-12-2024

Correctie beginbalans

Boekwaarde

01-01-2025

Toevoeging Onttrekking

Vermindering i.v.m. 

afschr.  op activa

 Bestemming resultaat

voorgaand jaar

Boekwaarde

31-12-2025

Algemene Reserve 5.321 - 5.321 1.503 250 - 2.895 9.469

Bestemmingsreserves

De bestemmingsreserves zijn reserves waaraan door de gemeenteraad een specifieke bestemming gegeven is. De gemeenteraad is bevoegd deze bestemming te wijzigen. 

Bestemmingsreserves (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde

31-12-2024

Correctie beginbalans

Boekwaarde

01-01-2025

Toevoeging Onttrekking

Vermindering i.v.m.  afschr.  op activa

 Bestemming resultaat voorgaand jaar

Boekwaarde

31-12-2025

Overhevelingsreserve 1.154 - 1.154 1.170 1.454 - 300 1.170
Bouw gemeentehuis 5.544 - 5.544 - - 212 - 5.332
MFA Havelte 559 - 559 - - 84 - 475
Huishoudelijk afval 2.066 -2.066 - - - - - -
Fonds dorpshuizen 348 - 348 - 348 - - -
Zonneleningen 438 - 438 - 438 - - -
Versterken fysieke aantrekkelijkheid 1.203 - 1.203 - 1.203 - - -
Fonds maatschappelijke initiatieven 200 - 200 - 200 - - -
Invoering omgevingswet 114 - 114 895 - - 968 1.977
Stad en Esch 1.715 - 1.715 - 1.715 - - -
Parkeerterrein Fredriksoord 300 - 300 - 300 - - -
Regiodeal 105 - 105 - 79 - - 26
Woonimpuls 28 - 28 - 28 - - -
Klimaatakkoord 197 - 197 - 5 - - 192
Maatschappelijk welzijn breed 4.679 - 4.679 3.235 558 - - 7.356
Woningbouwopgaven 1.198 - 1.198 747 - - - 1.945
Totaal bestemmingsreserves 19.848 - 2.066 17.782 6.047 6.328 296 1.268 18.473

Het resultaat is € 1.827.723 voordelig. 

Toelichting aard en doel reserves

Algemene reserve 
De Algemene reserve is bedoeld voor het afdekken van algemene financiële risico’s en onvoorzienbare, niet uitstelbare en onvermijdelijke uitgaven, voor zover daarvoor geen dekking kan worden gevonden binnen de exploitatie. De algemene reserve heeft een wettelijk kader. In het BBV is dit vastgelegd in artikel 43; lid 1.a..

Bestemmingsreserves
Overhevelingsreserve
Het BBV gaat uit van het stelsel van baten en lasten. Dit houdt in dat ten laste van een boekjaar de baten en lasten die op het boekjaar betrekking hebben moeten worden verantwoord. Hierdoor komen de budgetten die nog niet (volledig) zijn uitgeput te vervallen. Er kunnen situaties zijn die het wenselijk maken dat enkele activiteiten in het volgende boekjaar worden voortgezet of alsnog worden opgestart. Deze reserve is bedoeld om voor deze activiteiten de resterende budgetten door te zetten naar het nieuwe begrotingsjaar.

Gemeentehuis
De reserve is bestemd voor de dekking van de kapitaallasten van de bouw van het gemeentehuis op basis van een planning gedurende de afschrijvingstermijn van het gemeentehuis. Er vindt geen jaarlijkse dotatie plaats (dotatie heeft aan het begin plaatsgevonden). De kapitaallasten worden jaarlijks aan de reserve onttrokken.

MFA Havelte
De reserve is bestemd voor de dekking van een deel van de kapitaallasten van vervanging van de openbare basisschool, het gymnastieklokaal en enkele andere ruimtes in Havelte. Er vindt geen jaarlijkse dotatie plaats (dotatie heeft aan het begin plaatsgevonden). De kapitaallasten worden jaarlijks aan de reserve onttrokken.

Fonds dorpshuizen
De reserve was bestemd voor de dekking van onderhoud aan dorpshuizen, waarvan de gemeente een derde deel kan financieren. Hierop kunnen de dorpshuizen eens per tien jaar een beroep doen. Tevens is de reserve bestemd voor onvoorziene uitgaven of niet op te brengen grote uitgaven door de dorpshuizen. Bij het vaststellen van de 1e Bestuursrapportage 2025 heeft de raad besloten om de reserve op te heffen en het resterende saldo toe te kennen aan de bestemmingsreserve maatschappelijk welzijn breed.

Zonneleningen
De reserve was bestemd voor het beschikbaar stellen van leningen ter stimulering voor het opwekken van duurzame energie. Het betreft hier twee zonneleningen:

  1. Voor maatschappelijke organisaties (verenigingen/dorpshuizen/ kerken/sportaccommodaties); en
  2. Voor particulieren.

Bij het vaststellen van de 2e Bestuursrapportage 2025 heeft de raad besloten om de reserve op te heffen en het resterende saldo toe te kennen aan de bestemmingsreserve woningbouwopgaven..

Versterking fysieke aantrekkelijkheid
De reserve was bestemd ter versterking van de fysieke aantrekkelijkheid van de gemeente en de lokale economie. De reserve gold als dekking voor activiteiten die bijdragen aan kwaliteitsverbetering van de infrastructuur, bevordering van de cultuurhistorie en versterking van de lokale economie. Bij het vaststellen van de 1e Bestuursrapportage 2025 heeft de raad besloten om de reserve op te heffen en het resterende saldo toe te kennen aan de algemene reserve.

Maatschappelijke voorzieningen
De reserve was bestemd als fonds voor maatschappelijke voorzieningen in de dorpen/kernen. Er kan beroep op het dit fonds worden gedaan indien een dorpshuis, zwembad of andere maatschappelijke voorziening dringend financiële steun nodig heeft om de accommodatie veilig, schoon en functioneel te houden. Bij het vaststellen van de 1e Bestuursrapportage heeft de raad besloten om de reserve op te heffen en het resterende saldo toe te kennen aan de bestemmingsreserve maatschappelijk welzijn breed.

Invoering omgevingswet
De reserve is bestemd voor de uitgaven die te maken hebben met de invoering van de omgevingswet. De omgevingswet bundelt de wetgeving en de regels voor ruimte, wonen, infra, milieu, natuur en water naar een basis voor een samenhangende benadering van de fysieke leefomgeving. In het project zal het Deelproject Beleid & Regels, met ondersteuning van een extern adviesbureau, uitvoering geven aan de implementatie. Een Omgevingsvisie en Omgevingsplan zullen ontwikkeld worden. De onttrekkingen mogen op basis van de werkelijke kosten plaatsvinden.

Stad & Esch
De reserve was bestemd voor de dekking van de kapitaallasten van sportaccommodatie en ontmoetingsruimte Stad en Esch Diever. Bij het vaststellen van de 1e Bestuursrapportage 2025 heeft de raad besloten om de reserve op te heffen en het resterende saldo toe te kennen aan de bestemmingsreserve maatschappelijk welzijn breed.

Parkeerterrein Frederiksoord
De reserve was bestemd voor de dekking van de kapitaallasten van parkeerterrein Frederiksoord. Bij het vaststellen van de 1e Bestuursrapportage 2025 heeft de raad besloten om de reserve op te heffen en het resterende saldo toe te kennen aan de algemene reserve.

Regiodeal
De reserve is bestemd voor de projecten richten zich er vooral op om de brede welvaart in de Regio te versterken. Het gaat om vijf opgaven op het gebied van:

  1. circulair ondernemen door het MKB;
  2. een toekomstbestendige arbeidsmarkt;
  3. evenwichtige groei in Zwolle én op het platteland;
  4. klimaatadaptie; en
  5. duurzame governance.

Binnen de Regio Deal wordt hier op een samenhangende wijze aan gewerkt. De mutatie in deze reserve wordt bepaald met als gedachte dat de uitkomst dat de Regiodeal budgetneutraal door de exploitatie loopt.

Woonimpuls
De reserve is bestemd voor de uitgaven die bijdragen aan de woningbouwimpuls. Met een addendum op de Woonvisie en een meerjarig uitvoeringsprogramma worden de plannen voor de komende jaren concreet gemaakt. Verschillende typen onderzoek zullen gedaan worden, stedenbouwkundige verkenningen en mogelijke experimenten. Omdat op dat moment nog geen grondexploitatie is gestart (en zelfs niet duidelijk is of dat ooit zal gebeuren), is er een apart budget nodig waar de onderzoekskosten en extra personeelskosten uit gefinancierd dienen te worden. Daar is deze reserve voor ingesteld. De daadwerkelijke kosten binnen dit project mogen uit deze reserve gedekt worden.

Uitvoering klimaatakkoord
Binnen team Duurzaamheid zal capaciteit worden ingezet voor de uitvoering van het Nationale Klimaatakkoord en andere wettelijke taken, zoals het opstellen van beleid voor duurzaamheid en het inregelen van regionale ontwikkelingen in de eigen organisatie (onder andere Regionale Energie Strategie, Transitie Visie Warmte, Fluvius Platform Water). Deze reserve is ingesteld om de kosten die daarmee samenhangen te dekken. Onttrekking uit deze reserve mag plaatsvinden op basis van daadwerkelijk gemaakte kosten.

Maatschappelijke welzijn breed
Deze reserve is bestemd voor de dekking van uitgaven/kosten voor voorzieningen in de breedste zin van het maatschappelijk domein. Resultaten binnen het maatschappelijk domein mogen toegevoegd worden dan wel onttrokken worden aan deze reserve.

Woningbouwopgaven
Deze reserve is bestemd voor het opvangen van toekomstige fluctuaties en risico’s in de grondexploitaties en woningbouwprojecten niet zijnde personele lasten. De kosten/nadelen die hiermee verband houden mogen op realisatie basis onttrokken worden aan deze reserve.

Voorzieningen

Terug naar navigatie - B.4.3. Vaste passiva - Voorzieningen

Voorzieningen
Voorzieningen worden gevormd voor alle overeengekomen verplichtingen, en voor verplichtingen die in rechte afdwingbaar zijn. Een voorziening heeft dus een verplichtend karakter. Een voorziening wordt gevormd omdat de activiteit of het doel dat gerelateerd is aan de verplichting, voor de balansdatum extra middelen nodig heeft. Een voorwaarde is dat de omvang van de extra middelen redelijkerwijs goed in te schatten is.

Voorzieningen worden gevormd in de volgende gevallen (artikel 44 BBV):

  1. Voor verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, maar redelijkerwijs wél is in te schatten;
  2. Voor bestaande risico’s van verplichtingen en verliezen, die voor de balansdatum extra middelen nodig hebben en waarvan de omvang redelijkerwijs in te schatten is;
  3. Voor kosten die in een volgend begrotingsjaar worden gemaakt. Voorwaarde hiervoor is dat de oorsprong voor het maken van die kosten ligt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand jaar. Bovendien moet de voorziening leiden tot een gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren;
  4. Voor de bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen, waarvoor een heffing wordt geheven als bedoeld in artikel 35, lid 1, onder b BBV; en
  5. Voor middelen die van derden zijn verkregen en die aan een specifiek doel besteed moeten worden. Te denken valt hierbij aan leges die met een specifiek doel geheven zijn.

Voorzieningen (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde

31-12-2024

Correctie beginbalans

Boekwaarde

1-1-2025

Toevoeging Aanwending

Vrijgevallen bedragen

Boekwaarde

31-12-2025

Voorziening ten behoeve van toekomstige verplichtingen en/of verliezen
Voormalige bestuurders en personeel 1.699 - 1.699 1.356 236 - 2.818
Voorziening Verlofrechten 366 - 366 354 - - 721
Voorziening Verlofrechten (alleen WSW) 109 - 109 12 - - 121
Voorziening RVU - - - 85 - - 85
Subtotaal 2.174 - 2.174 1.807 236 - 3.745
Voorziening ter egalisatie van kosten
Meerjaren onderhoud gebouwen 2.020 - 2.020 311 278 - 2.052
Meerjaren onderhoud kunstwerken 533 - 533 10 13 - 530
Meerjaren grootonderhoud wegen 4.984 - 4.984 2.040 100 - 6.924
Subtotaal 7.537 - 7.537 2.361 391 - 9.506
Voorzieningen voor bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen  waarvoor een heffing wordt geheven 
Vervangingsinvestering riolering 6.407 - 6.407 700 1.065 - 6.041
Subtotaal 6.407 - 6.407 700 1.065 - 6.041
Voorziening ten behoeve van gelden van derden met een gebonden bestemming
Egalisatievoorziening riolering 760 - 760 - 101 - 659
Egalisatievoorziening huishoudelijk afval   2.066 2.066 538 - - 2.604
Subtotaal 760 2.066 2.826 538 101 - 3.263
               
Totaal Voorzieningen 16.878 2.066 18.944 5.406 1.793 - 22.556

Toelichting aard en doel voorzieningen

Voorzieningen voor verplichtingen en verliezen

Voorziening APPA
De voorziening APPA is bestemd voor het kunnen voldoen aan de pensioenverplichtingen ten behoeve van de (ex) wethouders. De voorziening wordt gebaseerd op basis van een actuariële berekening. De uitgangspunten zijn hierbij gebaseerd op de circulaire APPA zoals die door het ministerie beschikbaar gesteld is. Daarnaast is de voorziening gebaseerd op de dekkingsgraad van het ABP zoals deze in december van het boekjaar bekend is gemaakt door het ABP. Onttrekkingen vinden plaats op basis van het daadwerkelijk uitkeren aan de ex wethouders voor zover zij reeds aanspraak maken op pensioen. Daarnaast kunnen dotaties en onttrekkingen (vrijval) zich voordoen indien de rekenrente of de dekkingsgraad van het ABP wijzigt. Voor het bepalen van de voorziening hebben wij gebruik gemaakt van een rekenrente van 2,954% in lijn met de circulaire APPA. Qua dekkingsgraad is aangesloten op de dekkingsgraad van het ABP van december 2025, zijnde 123,5%

Voorziening verlofrechten

Binnen de CAO van de gemeente bestaan verschillende mogelijkheden om uren te sparen voor verschillende vormen van verlof. Voor deze verlofrechten geldt dat ze in enig jaar opgebouwd worden en in toekomstige jaren uitbetaald dan wel benut kunnen worden. De gemeente heeft er voor gekozen om een voorziening te vormen voor deze rechten, voor zover ze niet jaarlijks van vergelijkbare omvang zijn. In dit kader is de voorziening op te delen naar een deel voor de ouderschapsverlofrechten, het spaarverlof en het overige verlof (met uitzondering van het wettelijke verlof). 

Voorziening verlofrechten (alleen WSW)

De gemeente heeft in het verleden de medewerkers van Larcom overgenomen en ook voor deze medewerkers geldt dat zij verlofrechten hebben die in de toekomst zorgen voor een uitstroom van middelen of het opnemen van deze rechten met doorbetaling van salaris. Om die reden hebben wij hier ook een voorziening voor gevormd.

Voorziening RVU
Als onderdeel van de CAO 2023 is de RVU (regeling Vervroegde Uittreding) geïntroduceerd. Medewerkers kunnen gebruik maken van de RVU wanneer zij aan bepaalde voorwaarden voldoen. In 2025 hebben een tweetal medewerkers aangegeven hier gebruik van te gaan maken. Om die reden heeft de gemeente een voorziening getroffen voor € 85.000 om de uitstroom van middelen te bekostigen. 

Voorzieningen ter egalisatie van kosten

Voorziening meerjarenonderhoud gebouwen
Het doel van deze voorziening is het financieren en dekken van planmatig onderhoud aan de  gemeentelijke gebouwen. De voorziening is gebaseerd op het meerjarenonderhoudsplan. Hierin is de jaarlijkse dotatie bepaald. De onttrekking vindt plaats op basis van de werkelijke gemaakte kosten. De onttrekking vanuit de voorziening verloopt niet rechtstreeks, maar via een dekkingsrekening op het betreffende product. Aan het einde van ieder boekjaar wordt de toereikendheid van de voorziening beoordeeld.

Voorziening onderhoud kunstwerken
Het doel van deze voorziening is het financieren en dekken van planmatig onderhoud aan de  kunstwerken (bruggen, vlonders, beschoeiingen en dergelijke). De voorziening is gebaseerd op het meerjarenonderhoudsplan. Hierin is de jaarlijkse dotatie bepaald. De onttrekking vindt plaats op basis van de werkelijke gemaakte kosten. De onttrekking vanuit de voorziening verloopt niet rechtstreeks, maar via een dekkingsrekening op het betreffende product. Aan het einde van ieder boekjaar wordt de toereikendheid van de voorziening beoordeeld.

Voorziening groot onderhoud wegen
Het doel van deze voorziening is het financieren en dekken van planmatig onderhoud aan de  wegen. De voorziening is gebaseerd op het meerjarenonderhoudsplan. Hierin is de jaarlijkse dotatie bepaald. De onttrekking vindt plaats op basis van de werkelijke gemaakte kosten. De onttrekking vanuit de voorziening verloopt niet rechtstreeks, maar via een dekkingsrekening op het betreffende product. Aan het einde van ieder boekjaar wordt de toereikendheid van de voorziening beoordeeld.

Voorzieningen ten behoeve van bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen

Vervangingsinvestering riolering
De voorziening is gevormd ter uitvoering van de toekomstige vervangingsinvesteringen. De voorziening is gebaseerd op een meerjaren investeringsplan. Op basis van dit investeringsplan is de jaarlijkse dotatie bepaald, welke vanuit het product riolering jaarlijks in de voorziening gestort wordt. De onttrekkingen vinden plaats op het moment dat de vervangingsinvestering plaatsvindt. Op het moment dat er namelijk sprake is van een vervanging van riolering (die onderdeel zijn van het onderliggende investeringsplan), dient op grond van het BBV deze direct door deze voorziening gedekt te worden, waardoor er sprake is van zogenaamde netto activering.

Voorzieningen in verband met van derden verkregen middelen

Voorziening riolering
Het doel van deze voorziening is om middelen die specifiek voor riolering zijn bestemd beschikbaar te houden voor toekomstige kosten van riolering. Het saldo in de voorziening wordt gebruikt voor een gelijkmatige verdeling van de kosten van riolering over een aantal begrotingsjaren. Hiermee wordt een (forse) schommeling van de rioolheffing binnen de verschillende begrotingsjaren van het meerjarenperspectief voorkomen.

Voorziening huishoudelijk afval
Het doel van deze voorziening is om middelen die specifiek voor de afvalstoffenheffing zijn bestemd beschikbaar te houden voor toekomstige kosten van afvalverwerking. Het saldo in de voorziening wordt gebruikt voor een gelijkmatige verdeling van de kosten van afvalverwerking over een aantal begrotingsjaren. Met uiteindelijk als doel het beperken van jaarlijkse fluctuaties in het tarief voor de afvalstoffenheffing.

Vaste schulden met een looptijd langer dan een jaar

Terug naar navigatie - B.4.3. Vaste passiva - Vaste schulden met een looptijd langer dan een jaar

De vaste schulden van de gemeente Westerveld bestaan ultimo 2025 enkel uit onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen.

Onderhandse leningen
De onderhandse leningen bestaan volledig uit onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen. De totale vaste schulden bedragen circa € 10,3  miljoen. Het verloop van de vaste schulden is hieronder opgenomen.

Lening (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde

01-01-2025

Aflossingen

Boekwaarde

31-12-2025

BNG 98177 800 200 600
BNG 112544 2.400 120 2.280
BNG 113821 800 800 0
BNG 115758 5.520 240 5.280
BNG 116153 2.400 300 2.100
Totaal leningen 11.920 1.660 10.260

De rentelast voor de langlopende leningen voor 2025 betreft: € 241.269. Een nadere toelichting op de opgenomen geldleningen is opgenomen in de paragraaf D: financiering.

B.4.4. Vlottende passiva

Netto vlottende schulden met een looptijd korter dan een jaar

Terug naar navigatie - B.4.4. Vlottende passiva - Netto vlottende schulden met een looptijd korter dan een jaar

De netto-vlottende schulden bestaan uit negatieve banksaldi en overige schulden.

Vlottende schulden (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde 01-01-2025 Mutaties 2025 Boekwaarde 31-12-2025
Banksaldi BNG - 18 18
Overige schulden 2.336 895 3.231
Totaal Vlottende schulden 2.336 913 3.249

Banksaldi

Betreft de rekeningcourantverhouding bij de BNG voor afgerond € 18.000.

Overige schulden

De overige vlottende schulden bestaan uit de crediteurenpositie van de gemeente. De positie bestaat uit de daadwerkelijk ontvangen facturen die betrekking hebben op boekjaar 2025, verminderd met de vooruit ontvangen facturen voor boekjaar 2026. De crediteuren zijn in 2025 gestegen met € 913.000 tot een saldo van € 3.249.000

Overlopende passiva

Terug naar navigatie - B.4.4. Vlottende passiva - Overlopende passiva

De overlopende passiva bestaan vooral uit de verplichtingen die zijn opgebouwd in het begrotingsjaar maar pas in latere boekjaren tot een betaling zullen leiden en vooruit ontvangen middelen die voor een specifiek doel ingezet gaan worden, waarvan de kosten in een later jaar gemaakt worden.

Overlopende passiva (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde 01-01-2025 Boekwaarde 31-12-2025
Verplichtingen opgebouwd in het begrotingsjaar 2.069 2.610
Ontvangen voorschot met specifiek doel 4.092 7.246
Totaal Overlopende passiva 6.161 9.856

De uitsplitsing van de ontvangen voorschotten met een specifiek doel is hieronder opgenomen.

 

Specificatie ontvangen voorschotten met specifiek doel (bedragen x € 1.000) Boekwaarde 1-1-2025 Ontvangen bedragen Vrijgevallen bedragen Terugbetalingen Boekwaarde 31-12-2025
Ontvangen voorschotten van Europese Lichamen - - - - -
Sisa J94 Spuk LAI 2490 1.137 3   3.624
Sisa E44b klimaatadaptatie 170   22 148 0
Cdoke 514 838 374   978
Subsidie energiearmoede 372   22258   349
Subsidie Regiodeal Toerisme 3.074   3074   0
Subsidie Regiodeal Economie 90   90   0
Sisa D23 148       148
Sisa DRE13C   828     828
Regiodeal gedeeld geluk VRO J4B   444 2   442
M16   277     277
H4 Spuk Sport   54     54
G10 en G13   149     149
G04   6     67
Dumava   101     101
St Welzijn Mensenwerk   16     16
Ontvangen voorschotten van het Rijk 3.788       6.972
Vereningsbijdrage Vitale Vakantieparken 133       133
Exploitatiebijdragen 123 86 123   86
Schoolpleinrevolutie 40   40   0
Klimaatadaptatie 10 8 3   15
Cdoke   40     40
Ontvangen voorschotten van overige Nederlandse overheidslichamen 306       274
           
Totaal ontvangen voorschot met specifiek doel 4.092       7.246

 

B.4.5. Waarborgsommen en garanties

Waarborgsommen en garanties

Terug naar navigatie - B.4.5. Waarborgsommen en garanties - Waarborgsommen en garanties

Het in de balans opgenomen bedrag voor verstrekte waarborgen aan natuurlijke en rechtspersonen kan als volgt naar aard van de geldlening gespecificeerd worden:

Gewaarborgde leningen (bedragen x € 1.000) Hoofdsom Boekwaarde 01-01-2025 Aflossingen Boekwaarde 31-12-2025 Dekking
Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen
Stichting Actium BNG 84764 3.392 466 229 237 76%
Stichting Actium BNG 86225 12.132 2.387 749 1.638 59%
Stichting sporthal Vledder BNG 89572 210 49 11 38 100%
Stichting sporthal Vledder BNG 90704 208 41 13 28 100%
Stichting Biblionet Drenthe BNG 85810 228 47 15 32 100%
Stichting De Menning E1234750 1.134 142 28 114 100%
St. Nat. Restauratiefonds 804544026/804544034 242 33 25 8 100%
Voetbalvereniging Dwingeloo 10029939 110 79 6 73 50%
Subtotaal 17.727 3.244 1.076 2.168  
 
Af: 24% Stichting Actium BNG 84764 -814 -112 -55 -57  
Af: 41% Stichting Actium BNG 86225 -4.948 -974 -306 -668  
Af: 50% Voetbalvereniging Dwingeloo 10029939 -55 -39 -3 -36  
Subtotaal -5.818 -1.125 -364 -761  
           
Totaal gewaarborgde leningen 11.838 2.119 712 1.407  

 

Garantiestellingen (bedragen x € 1.000) Boekwaarde 01-01-2025 Toevoeging Aflossing Boekwaarde 31-12-2025
WSW achtervang 49.299 10.468 3.664 56.103
Totaal garantiestellingen 49.299 10.468 3.664 56.103

De gewaarborgde leningen WSW betreffen de garantstellingen voor de woningbouwverenigingen die sociale woningen verhuren in onze gemeente. Wanneer een woningbouwvereniging niet aan de aflossingsverplichting van de afgesloten leningen kan voldoen, zal in eerste instantie de niet nagekomen verplichting worden gedekt uit het WSW-fonds. Als hier onvoldoende financiële middelen in zijn, zal de gemeente hiervoor worden aangesproken.

B.4.6. Niet in de balans opgenomen verplichtingen

Niet in de balans opgenomen verplichtingen

Terug naar navigatie - B.4.6. Niet in de balans opgenomen verplichtingen - Niet in de balans opgenomen verplichtingen

De gemeente is voor een aantal toekomstige jaren verbonden aan verschillende, niet uit de balans blijkende financiële verplichtingen. Hierna volgt een opsomming van de belangrijkste van deze verplichtingen.

Wij hebben voor de uitvoering van de Wmo met diverse zorgaanbieders langdurige contracten afgesloten. De contracten hebben onder meer betrekking op huishoudelijke verzorging, hulpmiddelen en collectief vraagafhankelijk vervoer. Daarnaast hebben wij overeenkomsten die meerdere jaren lopen voor softwarelicenties en onderhoudscontracten.

B.4.7. EMU-saldo

EMU saldo 2025

Terug naar navigatie - B.4.7. EMU-saldo - EMU saldo 2025

Het EMU-saldo is het verschil tussen de inkomsten en de uitgaven van de collectieve sector (Rijk, mede-overheden en sociale fondsen). Het EMU-saldo wijkt af van het begrip exploitatiesaldo waarmee gemeenten en provincies werken. Het verschil zit onder meer in een andere behandeling van investeringen, afschrijvingen en voorzieningen. Voor de berekening van het EMU-saldo wordt mede gebruik gemaakt van de balans. Over de hoogte van het EMU-tekort zijn binnen Europa afspraken gemaakt. De Wet Houdbare overheidsfinanciën (Wet Hof) is de Nederlandse uitwerking van de Europese afspraken ten aanzien van de overheidsfinanciën. Deze wet moet de begrotingsdiscipline op nationaal en decentraal niveau waarborgen.

Het EMU-saldo is het saldo van inkomsten en uitgaven van de overheid op transactiebasis in een bepaalde periode (boekjaar). Eenvoudig gezegd geeft het EMU-saldo aan of er in een bepaald jaar meer geld is uitgegeven dan er in dat jaar is binnengekomen, of dat er netto geld is overgehouden. 
Het EMU-saldo is daarmee een indicatie voor de ontwikkeling van de liquiditeits- en financiële positie (eigen vermogen en schulden) van de gemeenten. 

Referentiewaarde EMU-saldo
Europa let op de schuld van gemeenten, dat gebeurt via het EMU-tekort. Dit is de begrenzing van het bedrag waarmee de totale netto schuld van alle gemeenten in een jaar mag groeien. De bedoeling is dat het gezamenlijke tekort van de gemeenten onder het plafond  voor het EMU-tekort blijft. Iedere gemeente heeft een individuele EMU-referentiewaarde, die is afgeleid van dat plafond. Voor Westerveld bedroeg deze voor het jaar 2025 € 3.480.000 zoals te lezen was in de septembercirculaire 2024. 

Berekening EMU-saldo
Het EMU-saldo van de gemeente Westerveld komt voor het boekjaar 2025 uit op positief € 7.917.000. Dit betekent dat in EMU-termen de inkomsten hoger zijn dan de uitgaven. Het EMU-saldo van de gemeente Westerveld is dus tekort verlagend aan het EMU-saldo van Nederland. De eerder genoemde referentiewaarde wordt niet overschreden. Hieronder volgt een overzicht van de berekening van het EMU saldo.

Berekening EMU-saldo (bedragen x € 1.000) Realisatie 2024 Realisatie 2025
A. Geraamd resultaat voor mutatie reserves 2.826 2.503
B. Mutatie immateriële vaste activa 980 153
C. Mutaties voorzieningen 1.971 3.612
D. Mutatie voorraden 1.022 1.546

E. Verwachte boekwinst bij verkoop effecten en 
verwachte boekwinst bij verkoop immateriële vaste activa

0 0
F. Berekend EMU-saldo  6.799 7.818
G. EMU-saldo referentiewaarde 3.161 3.480
H. Verschil saldo en referentiewaarde 3.638 4.338